top of page

De spelregels over sociaal huren zo wijzigen, is dat geen eenzijdige contractbreuk?

Deze tekst werd gepubliceerd op Knack.be

Lize is 45 en huurt al 22 jaar een bescheiden sociale woning. Sinds ze deze week in de krant de nieuwe regels over sociaal huren las, weet ze niet meer waar ze aan toe is. Ze kan haast niet geloven dat deze Vlaamse regering mensen plots terug in onzekerheid duwt. En toch is het zo. Volgt u even mee?

Toen Lize in het begin van de jaren 2000 – net afgestudeerd als zorgkundige en in blijde verwachting van haar zoontje – naar een betere woning zocht, huurde ze samen met haar partner Simon een appartement in de stad. Maar daar was het niet bepaald fijn wonen: bij felle regen sijpelde er water naar binnen, de ramen waren niet geïsoleerd en op de muren zat schimmel. En al viel de huurprijs best mee, de energiekosten waren torenhoog. Je snapt dat met de baby op komst, ze erg inzat met de gezondheid van de toekomstige spruit. De dokter benadrukte nog: vocht en schimmel zijn niet goed. Alleen was er één probleem: voor haar toekomstige gezin waren er zo goed als geen betaalbare of geschikte opties op de markt.

Op de wachtlijst

Omdat Simon over de mogelijkheid had gehoord, stonden hij en Lize al even op een wachtlijst voor sociale huur. Simon, die in de stad werkte als rekkenvuller bij een grote supermarkt, dacht dat het voor hen misschien een oplossing kon zijn. Hij zou zijn werk kunnen behouden en zij kon in de omgeving makkelijk een job in een ziekenhuis of een woonzorgcentrum vinden.

 

Over de kwaliteit van de woning zouden ze zich geen zorgen hoeven te maken, want die zou onder toezicht van de overheid staan. En omdat de huurprijs op basis van hun gezamenlijk inkomen werd berekend, zouden ze niet langer elke maand in het rood moeten gaan door onverwachte energiekosten. Nee, de huurprijs zou betaalbaar blijven, want hij zou nooit hoger zijn dan 1/3 van hun inkomen.

Dat klonk heel mooi. Maar toch: het zette hen wel even tot nadenken. Want als ze voor een sociale huurwoning zouden kiezen, zouden ze de droom om ooit eigenaar te worden van een eigen woning daarmee opbergen. De wijze raad dat een koopwoning het beste appeltje voor de dorst is wanneer je op pensioen bent, was dan niet langer aan hen besteed. Die investering zouden ze dan inruilen tegen  de zekerheid dat bij hun pensionering de huurprijs in verhouding zou blijven met wat ze op dat moment aan pensioen zouden ontvangen.

Haar bewuste keuze voor zekerheid

Lize en Simon hoefden dus niets te vrezen. Huren zou voor hen geen weggegooid geld zijn, maar een bewuste keuze om hun leven te verbinden aan een sociale woning met bijhorend contract voor het leven. Ze kozen dan ook voluit om een gezin te stichten en hun kinderen alles te geven wat zij nodig hadden om goed te leren en te leven. Ze gingen voor zekerheid. Voor niet meer bang zijn om de huur of lening niet te kunnen betalen. Dat was een geruststellende gedachte. Want als ze hun huurverplichtingen zouden nakomen, kregen ze de garantie dat ze nooit uit hun huis konden gezet worden. Die houvast veranderde hun leven. 

Op de keper beschouwd was kopen toch niets voor hen. Want spaargeld hadden ze niet, laat staan ouders die konden sponsoren. De keuze voor sociale huur sprak hen dan ook meteen aan. Omdat financiële inkomensschokken via de veranderlijke huur opgevangen weren, konden ze met vier fantastische kinderen konden een relatief comfortabel leven leiden. Ze hadden altijd ‘genoeg’ en konden zelfs een beetje sparen zodat ze ongemakken konden opvangen, zoals die keer dat de wasmachine het niet meer deed. In het derde middelbaar zorgden ze ervoor dat elk kind een eigen computer kreeg voor hun schoolwerk. En een auto hadden ze niet, wat enorm scheelde in de uitgaven. 


De veiligheid van het woonrecht en de woongarantie maakte dat Lize en haar gezin een fijn leven hadden, en zelfs toen Simon een tijdje uitviel na een arbeidsongeval konden ze het zonder veel financiële schokken redden. Lize schoolde zich tussen hun derde en vierde kind om tot verpleegkundige en schopte het in het woonzorgcentrum tot hoofdverpleegkundige. Ze houdt er van om er voor mensen te zijn. Ze doet haar werk graag en ze verdient zeker niet slecht. Doordat haar huur meegroeide met haar inkomen heeft ze niet echt grote veranderingen in haar bestedingspatroon gekend. Ook niet toen ze – voor de kinderen – een tijdje deeltijds werkte. Lize is gelukkig, heeft een mooi gezin en doet haar werk met liefde. Ze heeft de veiligheid van haar sociale huurhuis waar ze zo graag woont, dat haar thuis is geworden en waar ze nooit meer weg wil.

Haar bescherming om nooit arm te worden

Lize heeft zich nooit veel aangetrokken van de vreemde blikken wanneer ze zei dat ze in een sociale woning woonde. Hoe vaak heeft ze zich niet moeten verantwoorden: dat het klopt dat ze niet arm is, maar ook dat de wijk waar ze woonde een heel gezellige buurt is waar buren mekaar kennen en helpen. Soms voelde Lize zich bekeken als profiteur, maar dat liet zij dan over zich heen gaan.

Zij wist beter. Haar woning is haar bescherming om nooit arm te worden. Ze betaalt nu wat meer dan toen ze begon te huren, maar tijdens de magere jaren van hun loopbaan en op basis van hun gemeenschappelijke inkomen konden ze steeds rekenen op een huurprijs die in evenwicht was met wat zij als koppel verdiende. Zeker toen Lize er uiteindelijk alleen voor kwam te staan, want Simon overleed veel te vroeg. Hartstilstand.  

Wat een geluk dat ze toen is kunnen blijven wonen waar ze zich zo goed voelt. Dat de kinderen gewoon in hun vertrouwde omgeving naar school en sportclub konden blijven gaan en dat ze konden rekenen op zoveel lieve buren en vrienden.

 

Nieuwe regels voor sociale huur

Maar vandaag leest Lize in de krant dat haar veiligheid en zekerheid verbrokkelt. Ze zal misschien niet meer in de sociale woning kunnen blijven wonen. Vanaf 1 januari 2024 wordt haar levenslange contract omgezet naar een contract van 9 jaar. Misschien verdient zij dan net te veel om nog aanspraak te mogen maken op een sociale woning? Zeker nu ze er aan denkt dat haar nieuwe vriend misschien wel bij haar zou willen intrekken. Dat was toch niet hoe zij het hadden afgesproken? Haar hele leven heeft ze geleefd naar dit contract. Ze zou het nooit erg breed hebben, maar zou ook nooit iets te kort komen. De onzekerheid die gepaard gaat met nieuwe regels voor sociale huur geeft haar enorm veel stress. Om ziek van worden. 

In negen jaar kun je toch geen buffer opbouwen die je in staat stelt om opeens wel een huis aan veel hogere prijs te huren? Dat ze met de zogenaamde ‘doorstroompremie’ van € 2500 niet ver zal springen wanneer ze naar de private woningmarkt gaat, hoef ik u niet uit te leggen. Meer zelfs: haar levensstandaard en die van haar kinderen komt hiermee in gevaar. Ze zal zich moeten aanpassen en een ander leven gaan leiden. De veiligheid die ze had om niet meer arm te worden is plots weg. Meer dan ooit voelt ze zich opgejaagd wild. Had ze het maar geloofd toen de mensen zeiden dat je de overheid niet vertrouwen kan.

Dat die de regels opeens kan veranderen en dat zij dan wel anders zou piepen. Ze was de overheid immers altijd dankbaar en gedienstig geweest. Ze wist heel goed dat zij met haar profiel anders een vogel voor de kat was. Het leven starten zonder buffer of duwtje in de rug van thuis uit is niet evident. En kunnen studeren en een gezin stichten zijn niet altijd gemakkelijk. Zeker niet als je er alleen voor komt te staan. Dat moet je Lize niet vertellen. 

Contractbreuk

Lize leest verder en moet even slikken. Zij begrijpt het nog niet helemaal, maar het ziet ernaar uit dat alles anders zal worden, en dat haar leven zich misschien wel op een andere plek zal afspelen. 22 jaar lang was haar bestaan stabiel omdat de huur het inkomen volgde, zowel in de hoogte als in de laagte. Ze kon vertrouwen op die veilige plek.

  
De spelregels zo wijzigen, is dat geen eenzijdige contractbreuk?

Lize is een hardwerkende Vlaming die perfect beseft dat een mens niet alles kan willen. Lize is bang, en Lize heeft gelijk.

bottom of page