MIJN VISIE

In Leuven bouwen we aan een warme stad waar ontzettend veel mogelijk is, met alle ruimte voor initiatief en samenwerking tussen Leuvenaars en stad en met aandacht voor iedereen. Want in Leuven laten we niemand achter.

Als schepen van zorg en welzijn, wijkwerking en begraafplaatsen heb ik dan ook speciale aandacht voor enkele beleidsdomeinen die mijn visie op de stad en het beleid in Leuven mee vorm geven. 

Kinderopvang

 

Ieder kind heeft recht op betaalbare, goede kinderopvang. Daarom hebben we in Leuven met het Masterplan Kinderopvang zélf, uit de begroting van de stad, 120 extra plaatsen in de kinderopvang gecreëerd. Omdat de meeste kinderen niet voltijds naar de opvang gaan, zijn die 120 plaatsen dus goed voor een veelvoud aan gezinnen. Daarmee hebben we de wachtlijsten in het Leuvense zo goed als weggewerkt en zijn we klaar voor de groeiende nood in de toekomst.

  

Wanneer je kind naar school gaat, sta je voor nieuwe uitdagingen. Want het is niet altijd makkelijk om om halfvier aan de schoolpoort te staan. Daarom wilden we ook de opvang op school op het hoogste niveau krijgen, zonder iets aan de betaalbaarheid te veranderen. 'KinderKuren' was het resultaat: dankzij dit project kunnen alle Leuvense scholen kwaliteitsvolle opvang aanbieden, met meer dan 250 activiteiten en workshops voor de kinderen om te ontdekken. Zo proeven ze van nieuwe hobby's en ben je als ouder gerust dat je kind zich amuseert en bijleert in de opvang voor en na school. De stad ontfermt zich over alle administratie, zodat de scholen gewoon kunnen blijven focussen op hun kerntaak: goed onderwijs. 

Armoede

Vandaag leeft 1 op de 10 Vlamingen (!) met een armoederisico. Dat zijn een heleboel mensen. Het is een situatie die een enorme druk zet op onze samenleving. Een druk die paradoxaal genoeg meer kost dan fundamenteel werk te maken van de bestrijding van armoede zélf. Armoede is natuurlijk geen eenvoudig op te lossen probleem. De permanente stress en sociale uitsluiting die ermee gepaard gaan, zijn dodelijk en hebben tekenende gevolgen voor de ontwikkeling van zowel volwassen als jongeren en zelfs ongeboren kinderen: van leermoeilijkheden en aandachtsstoornissen tot verhoogde prikkelbaarheid die psychische kwetsbaarheden en agressiegevoeligheid uitlokt. Mensen in armoede moeten voortdurend loodzware taken managen en moeilijke beslissingen nemen, keuzes die gemaakt worden onder constante druk en de veroordelende blik van hun omgeving.

Maar lange termijn en duurzame oplossingen, daar is in tijden waarin men zich blind staart op visieloos besparingsbeleid geen aandacht voor. Het moet beter. We moeten opnieuw kneden aan een systeem gebaseerd op solidariteit. Want solidariteit heeft ons welvaart gebracht en solidariteit helpt ons nog steeds allemaal vooruit. 

In Leuven proberen we via het lokale beleid het verschil te maken voor mensen in armoede. We maakten van verenigingen waar armen het woord nemen een volwaardige partner, we ondersteunen sociale kruideniers, zorgen voor een toegankelijk aanbod aan betaalbare gezonde maaltijden (bijvoorbeeld op school of in de buurtcentra), voeren een actief beleid op de arbeidsmarkt en zetten in op de sociale economie, we hebben doorheen alle beleid bijzondere aandacht voor kwetsbare groepen en werken drempels weg, investeren sterk in kwalitatieve sociale huurwoningen en bieden extra steun aan wie huurt op de private markt. We investeren jaar na jaar in de capaciteit en betaalbaarheid van de kinderopvang en we helpen jonge ouders hun leven terug op de rails te krijgen. Maar bovenal zorgen we ervoor dat al die maatregelen elkaar versterken en aanvullen. Armoedebestrijding kan enkel succesvol zijn met een geïntegreerd beleid. 

 

In Leuven maken we werk van een langetermijnbeleid dat alle mensen in onze samenleving serieus neemt. Dat niet het gevoel stimuleert dat je als je niet meekan, gewoon niet goed genoeg bent om er bij te horen, maar dat de ruimte geeft om gesterkt en met vertrouwen naar een zekere toekomst te kunnen en te willen kijken. Dat mensen sterkt in alles wat ze wél nog kunnen.
 

Wijkwerking: samen met de Leuvenaar de stad maken

Leuvenaars met goeie ideeën om hun straat of buurt te verfraaien of de buurt dichter bijeen te brengen moeten alle steun krijgen om hun dromen te realiseren. 

In 2000 lanceerde sp.a het project "Kom op voor je wijk": Leuvenaars met ideeën voor hun straat of buurt kunnen een aanvraag indienen bij de stad om financiële en logistieke ondersteuning te krijgen om hun droom te realiseren. Sindsdien maken we samen met de Leuvenaar de stad nog warmer, gezelliger, groener en mooier dankzij de ideeën van inwoners zelf. Een petanquebaan of een picknicktafel, een straatgedicht, een buurtfeest bij een buurtmoestuin, een buurtkookboek, een boekentil of extra groen: je kan het zo mooi niet bedenken of het kwam er dankzij Kom op voor je wijk.

Ik geloof er keihard in dat zulke projecten, groot en klein, vanuit de buurt, van buren samen, de samenhang van onze stad versterken en zo van Leuven écht een thuis voor iedereen maken. Daarom liet ik als schepen in 2015 de budgetten voor Kom op voor je wijk verdubbelen en stak het project in een nieuw jasje, zodat er nog meer mogelijk werd. Buurten kunnen sindsdien ook eerst een periode experimenteren met hun idee om te zien of het aanslaat of wat er beter kan, vooraleer ze een echte aanvraag doen. Wie iets eenvoudigs wil doen, kan intekenen op het vaste aanbod van het project: boekentillen, buurmoestuinen en -plantsoenen, gevelbanken en buurtfeesten.

Ik wilde ook nóg meer Leuvenaars stimuleren om zelf aan de slag te gaan met onze stad. Daarom liet ik de 'buurToog' maken en trok er de voorbije jaren als schepen iedere lente op uit, samen met de wijkmanagers van de stad, om in de Leuvense buurten zelf bewoners wegwijs te maken in de vele mogelijkheden van 'Kom op voor je wijk'.

Werk en sociale economie

Werk moet mensen in staat stellen in hun levensonderhoud te voorzien en een zinvol leven uit te bouwen. Voor mij staan waardig werk met waardig inkomen bij uitbreiding dus ook centraal bij echte armoedebestrijding. Een goede economie is geen garantie op kwaliteitsvolle jobcreatie. We moeten daarom als beleid onze verantwoordelijkheid tegenover onze burgers opnemen en waardig werk waarborgen of zelf creëren, en waken over de kwaliteit en de werkbaarheid van alle werk.

 

Daarnaast moet de overheid mensen die hun job verliezen goed begeleiden. Het kan immers echt iedereen overkomen. Net op zo'n kwetsbaar moment moeten we mensen de hand blijven reiken, zodat ze opnieuw een rol in de samenleving kunnen opnemen. Ze moeten kunnen terugvallen op een waardig vervangingsinkomen, begeleid worden naar ander werk met aandacht voor hun eigen kunnen, en kansen krijgen om zich bij of om te scholen.

Als iemand moeilijker de weg naar de arbeidsmarkt vindt, moeten ze terecht kunnen bij sociale economiebedrijven. Daar krijgen mensen een nieuwe start en een job die past bij hun vaardigheden, die hen opnieuw fierheid en zin geeft. In Leuven geven Spit, VELO, Wonen en werken … al vele jaren dat broodnodige duwtje in de rug en begeleiden mensen terug naar werk. Recente beslissingen van de huidige regeringen ondermijnen echter de sociale economie in de kern van haar werking. Voor mij is sociale economie echter een onmisbare partner in het versterken van mensen, het begeleiden naar werk en het bestrijden van armoede. Als schepen ondersteun ik de sociale economie zodat ze haar belangrijke emanciperende rol kan uitoefenen.

Toch is werk ook niet zomaar dé oplossing voor het armoedeprobleem. Zelfs wie hard werkt maar dat voor een laag loon doet, of in onzekere omstandigheden, loopt vandaag alsmaar meer armoederisico. Mensen, en zeker mensen in armoede, hebben jobs nodig die hen bestaanszekerheid en uitzicht op een toekomst bieden. Niet de sprokkelarbeid van de “flexi-jobs” waarmee de regering zo graag uitpakt.

Met de uitbreiding van sprokkelarbeid zoals flexi-jobs en langdurige interimcontracten maken mensen die al minder kansen hebben op de arbeidsmarkt, nu nog minder kans op een volwaardige en duurzame job. Ze worden nog minder beschermd en bouwen minder rechten op. Zo wordt de kloof tussen arm en rijk alleen maar groter. Jobs mogen een inkomen niet verkappen in 'hier en daar een beetje'. En mensen mogen niet in een positie geduwd worden waarin ze hun inkomen maar bij elkaar moeten zien te rapen. Een job moet mensen in staat stellen om rond te komen en een volwaardig leven uit te bouwen.

Begraafplaatsen, rouw en rituelen

Sinds januari 2019 ben ik als schepen bevoegd voor de Leuvense begraafplaatsen. Deze bijzondere plekken hebben al lang een aparte plek in mijn hart.  Onze begraafplaatsen hebben alle potentieel om moderne, ontsloten koesterplekken te worden: natuurlijke parken vol rust en groen waar we elkaar herdenken, herinneren en in gedachten levend houden. Daarom wil ik de begraafplaatsen en de stad weer dichter naar elkaar brengen. Rouw en verlies maken immers deel uit van het dagelijkse leven en moeten ruimte krijgen om samen beleefd te worden. Begraafplaatsen worden begraafparken met een uitgesproken sociale functie. Mooie, aangename plekken om te herdenken, te wandelen, te mijmeren ...

Wereldlichtjesdag

In 2009 richtte Leuven als eerste stad in Vlaanderen een sterretjestuin in op onze Stadsbegraafplaats. Onze sterretjestuin is een serene begraafplek voor ongeboren kinderen, waar ouders rust en warmte vinden en waar hun verlies collectief gedragen wordt. Onder mijn impuls organiseren we hier sinds 2016 ieder jaar een nocturne op Wereldlichtjesdag. Op die dag worden wereldwijd levenloos geboren en overleden kinderen herdacht met een kaarsje. Samen met de stad, Huis van het Kind Leuven en contactgroepen voor ouders, die ook steeds aanwezig zijn voor wie nood heeft aan een gesprek, steken we kaarsen aan en voegen die bij aan een lichtinstallatie. Zo ontstaat er een wolk van lichtjes in de sterretjestuin. Dit lichtkunstwerk is een ontwerp van Sacred Places, uitgevoerd door de eigen technische diensten van de stad. Hiermee willen we collectief verlies symboliseren. Ook wordt op alle Leuvense begraafplaatsen op ieder kindergrafje een kaarsje aangestoken door de stad, ten teken van erkenning en gedeeld verlies.

 

Ik wil de Leuvenaars ondersteunen in alle fasen van hun leven, ook in verdriet en verlies, ook na de dood. Er rusten nog veel taboes op deze thema's terwijl mensen juist nood hebben aan rituelen, aan erkenning en aandacht voor hun verdriet, aan bepaalde handelingen voor een overleden geliefde zelf kunnen invullen of zelf kunnen doen. We hebben als mensen behoefte aan nieuwe rituelen. Aan ruimte voor en manieren om samen te rouwen en te herdenken. ​De begraafplaats is de plek bij uitstek om die nieuwe rituelen vorm te geven, en oude rituelen zoals Allerzielen opnieuw een belangrijk deel van het leven te maken. Ook rituelen uit andere culturen moeten aan bod kunnen komen en kunnen een troost zijn en meer tolerantie creëren tussen gemeenschappen.