Huurders, alleenstaande ouders en laagopgeleiden lopen steeds meer risico om af te glijden naar armoede

Dit opiniestuk verscheen op Knack.be

Het valt op: de middenklasse in ons land wordt steeds fragieler en meer onzeker. Dat is niet het gevolg van een of andere natuurwet, maar van een zuiver politieke keuze. De overheid zet steeds minder in op herverdeling als middel om mensen vooruit te helpen of uit armoede te tillen. Een betreurenswaardige tendens waarvan de gevolgen onderbelicht blijven. In alle stilte wordt de bestaansgrond onder de voeten van heel wat mensen weggevaagd. Telt u binnenkort nog mee?

Maar liefst dertig jaar lang onderzocht het Centrum voor Sociologisch Onderzoek van de KU Leuven het welvaren van de Belgische middenklasse. Waar in 1985 herverdeling door de overheid nog bijna driekwart van de Belgen uit de armoede trok, die anders tot de laagste inkomensklasse zouden behoren, is dat vandaag gezakt naar nog maar net de helft. Het gevolg van een bewuste keuze de laatste jaren om een eerlijke verdeling van onze gemeenschapsmiddelen af te bouwen ten voordele van de rijkste laag van onze maatschappij. Waar verloren we ons samenlevingsmodel van vooruitgang en solidariteit met elkaar?

Zekerheid tegen willekeur

Ik denk dat niemand zal betwisten dat we niet allemaal gelijk aan de start komen. Dat de ene mens meer tegenslag of meer geluk heeft dan de andere en dat het leven niet altijd eerlijk verloopt. Sommigen van ons worden geboren in een gezin in armoede, anderen in rijkdom. De ene is gezond, de andere heeft een beperking of krijgt plots te maken met ziekte. Uw naaste buren hebben niet dezelfde achtergrond als u. Misschien kregen ze alle steun om te gaan studeren, of was er in hun gezin net weinig tijd of ruimte om te leren. Misschien hebben ze een groot sociaal netwerk om op te rekenen, of komt er niemand meer langs. Misschien worden ze plots ziek of gaat het bedrijf waar ze werken failliet. Misschien erfden ze een huis van hun ouders, of kregen ze enkel schulden nagelaten.

Herverdeling is dan de buffer waarmee we als samenleving ongelijkheid door toeval of pech recht trekken, een correctie op de vele toevalligheden in het leven waar we geen vat op hebben. Een garantie tegen de willekeur van het leven, waarin zoveel kan gebeuren. Door onze gemeenschappelijke middelen in één pot samen te leggen en vervolgens te herverdelen over iedereen, compenseren we dat gegeven en lassen een verzekering in voor toeval en pech. Herverdeling is een beschermingsmechanisme voor ons allemaal. We bouwden het halverwege de vorige eeuw uit om zekerheid te bieden aan alle mensen: wat er ook gebeurt, er zal een vangnet en een springplank zijn om er opnieuw uit te komen.

Omgekeerde herverdeling

Nu blijkt dat de lage middenklasse, waarin 1 op de 6 Belgen zit, de meest kwetsbare groep in onze samenleving geworden is. Waar de laatste jaren maatregel na maatregel in het leven wordt geroepen om de hogere middenklasse te ondersteunen, zoals salariswagens of de woonbonus, worden voor de lage middenklasse en mensen in armoede vooral ondersteuningsmaatregelen áfgebouwd. Kinderopvang is driemaal duurder geworden voor de laagste inkomens, de facturen voor energie en water schieten de hoogte in, openbaar vervoer wordt ieder jaar duurder, de huurwaarborg is verhoogd en de woonzekerheid in sociale huisvesting afgebouwd zodat zekerheid op een dak boven het hoofd afbrokkelt voor wie geen eigen huis kan betalen.

De toegang tot hoger onderwijs werd intussen bijna dubbel zo duur, en kansen op duurzame tewerkstelling staan door de uitbreiding van langdurige interimarbeid en de invoering van flexi-jobs onder hoge druk. Welvaart raakt zo steeds meer geconcentreerd in de handen van een kleine groep en weggenomen van de grote meerderheid. Dat is omgekeerde herverdeling: wat we allemaal samen produceren aan welvaart, via arbeid en bijdragen, stroomt vooral stroomopwaarts naar wie al meer heeft.

Belgische working poor

Uit de studie blijkt dan ook dat de 'lage middenklasse' vandaag steeds meer bestaat uit huurders, alleenstaande ouders en laagopgeleiden. Zij lopen steeds meer risico af te glijden naar armoede, in plaats van door een eerlijke herverdeling de kansen en bestaanszekerheid te hebben om een leven uit te bouwen zoals dat dertig jaar geleden wél nog het geval was.

Onder hen zitten zeer veel mensen die hard werken en toch in armoede of risico op armoede leven. België krijgt zijn eigen 'working poor'. Dat is wat er gebeurt wanneer je de laagste inkomens steeds verder achterop laat komen en veel trager laat groeien dan die van de andere inkomensgroepen. Wie meer heeft, krijgt nog meer. Wie minder heeft, moet het met nog minder doen. Tegelijk staan we toe dat de regering de mechanismen om die kronkel recht te trekken - herverdeling en sociale zekerheid - alsmaar verder afbouwt onder het mom van zogezegde 'onbetaalbaarheid', het feit verzwijgend dat we samen veel meer hebben dan ieder voor zich. Zo ziet de lage middenklasse haar bestaanszekerheid en vangnet steeds meer verbrokkelen en wordt ze steeds minder een springplank naar verbetering als wel een tussenstop op weg naar armoede.

Zeker kunnen zijn

Zekerheid hebben in het leven, het is de basis van veerkracht en vooruitgang. Leven in onzekerheid is leven in een constante stress die langetermijndenken onmogelijk maakt. Wie steeds moet uitkijken of ze het einde van de maand wel halen, heeft niet de ruimte of vrijheid om iets op te bouwen voor zichzelf of zijn gezin. Zekerheid is de basis waarop we een samenleving kunnen poten: zeker zijn van goede zorg, van je baan of je pensioen, van een dak boven je hoofd, van goed onderwijs voor je kinderen. We zijn allemaal, ieder van ons, beschermd tegen de grilligheid van het leven, door een systeem van herverdeling en sociale basisrechten.

 

De laatste jaren staan we echter toe dat onze gezamenlijke bescherming wordt afgebouwd door vrij spel te geven aan een onrechtvaardige meritocratische visie, een recht van de sterkste: het leven als eerlijke competitie waarbij we onze plaats op de maatschappelijke ladder volledig zelf verdienen. Het is een visie die ervan uitgaat dat iedereen met dezelfde kansen geboren wordt, waarin toeval en willekeur geen rol meer spelen. Wie uit de boot valt, heeft gewoon niet hard genoeg geprobeerd. En door ons die kijk op de mouw te laten spelden, zijn we de voorbije dertig jaar op sociaaleconomisch vlak naar een problematisch onevenwicht gegroeid. Ieder van ons voelt aan dat die kijk niet klopt: het leven is niet gelijk voor iedereen. En een maatschappij die echt vooruit wil en niemand achterlaat, trekt dat recht door de welvaart die we samen creëren, ook samen eerlijk te verdelen.